Plannen vanuit de Prinsjesdagnota

Gevolgen voor DGA Zoë en haar B.V.

Zoë heeft een koekjesfabriek, die al menig jaar zeer succesvol is. Omdat een deel van haar koekjes verkocht wordt in de horeca zal haar winst in 2020 als gevolg van de Corona crisis  lager zijn. Ondanks dat verwacht ze verwacht uit te komen op een winst van €200.000

Voor 2021 verwacht Zoë echter weer een heel goed jaar. Ze gaat meer leveren aan supermarkten en particulieren. De winstverwachting 2021 is €350.000.

Welke plannen zijn er door het kabinet voor haar gepresenteerd? En wat voor gevolgen heeft dit voor Zoë en haar B.V.?

Voor Zoë zijn er drie belangrijke plannen gepresenteerd in de Prinsjesdagnota, waaronder

  • Wijziging laag VPB-tarief en verlegging eerste schijf: lastenverlichting MKB;
  • Beleggen in box 3 of middels de B.V.;
  • Wettelijke introductie van de fiscale coronareserve.

Wijziging laag VPB-tarief en verlegging eerste schijf: lastenverlichting MKB

Het kabinet vermindert het lage VPB-tarief per 2021 naar 15 % (2020: 16,5%). In tegenstelling tot eerdere berichtgeving is de tariefverlaging van het hoge-tarief naar 21,7% van de baan. Deze blijft derhalve 25%.

De schrijfgrens voor het lage VPB-tarief loopt in 2021 en 2022 door tot respectievelijk €245.000 en €395.000 (2020: €200.000). Voorgaande maatregelen bieden MKB-bedrijven een lastenverlichting.

Wat betekent dit voor Zoë en haar B.V.?

Bij een winst van €200.000 in beide jaren is Zoë in 2021 €3.000 minder vennootschapsbelasting verschuldigd. Als de winst €350.000 is, loopt dit voordeel zelfs op naar €7.500. Dit lichten wij onderstaand voorbeeld cijfermatig toe.

2020 2021 2020 2021
Winst  €       200.000  €       200.000  €       350.000  €       350.000
Te betalen belasting  €          33.000  €          30.000  €          70.500  €          63.000

Dit betekent dus dat de B.V. netto meer over winst overhoudt. Een deel van deze besparing wordt wel weer teniet gedaan op het moment dat Zoë besluit de winst naar haar zelf uit te keren. Op dat moment is zij aanmerkelijk belang belasting verschuldigd (Box 2 belasting), deze stijgt van 26,25% in 2020 naar 26,9% in 2021.

Tip:

Bezit je meerdere vennootschappen die samen een fiscale eenheid vormen voor de vennootschapsbelasting? Dan kan het voordelig zijn de fiscale eenheid te verbreken. Elke vennootschap komt dan in aanmerking voor het lage VPB-tarief. Bij een fiscale eenheid is het lage tarief maar één keer van toepassing. Ook kan een splitsing van B.V-activiteiten, met het zelfde argument, interessant zijn. Een splitsing zonder fiscale afrekening is alleen mogelijk als daaraan zakelijke overwegingen aan ten grondslag liggen, zoals herstructurering of rationalisering van de actieve werkzaamheden van de splitsende en verkrijgende rechtspersoon. Een louter fiscaal motief geldt niet als zakelijke overweging.

Beleggen in box 3 of middels de B.V.

Als DGA heb je de keuze in privé te beleggen (box 3) of middels de B.V. Box 3 kent een forfaitaire rendement, in de B.V. wordt het daadwerkelijk behaalde rendement belast.

De wijzigingen in box 3 en de veranderingen in de VPB zijn uiteraard van invloed welke wijze van beleggen gunstiger is.

Wij kunnen dit voor je doorrekenen.

 

Wettelijke introductie van de fiscale coronareserve

In de aangifte vennootschapsbelasting 2019 kun je een reserve vormen voor verliezen die naar verwachting in het boekjaar 2020 ontstaan. Deze dienen wel verband te houden met de gevolgen van het coronacrisis. De reserve mag niet groter zijn dan het totale verlies dat over 2020 naar verwachting wordt geleden. De dotatie aan de reserve kan de behaalde winst in 2019 (voor de vorming van die reserve) niet overstijgen. In 2020 dien je de reserve in de winst op te nemen.

Door invoering van de coronareserve kun je coronaverliezen op een eerder moment verrekenen dan bij de reguliere verliesverrekening het geval zou zijn. Deze regeling moet bijdragen aan verbetering van de liquiditeitspositie van bedrijven.

Een punt van aandacht is dat door dotatie aan de coronareserve mogelijk verliesverdamping optreedt. Een dotatie aan de coronareserve vermindert de winst over 2019. Hierdoor kunnen je dus minder onverrekende verliezen toepassen. Dit heeft mogelijk verliesverdamping tot gevolg.

Zoals je van ons mag verwachten bekijken wij natuurlijk of dotatie aan de coronareserve in jouw geval gunstig uitwerkt.

Wat betekent dit voor Zoë?

Ondanks dat de koekjesfabriek van Zoë in 2020 een lager resultaat heeft, is het toepassen van de Coronareserve voor haar niet interessant. Zij heeft immers nog steeds een positief resultaat en de volledige winst valt in de eerste schijf.

Heb je vragen n.a.v. deze plannen? Neem dan contact met ons op!